U bent hier

Veldeke....wae is det ?

Onder de regeering van Frederik Barbarossa (1152-1190) vinden wij de vroegste uitingen van den Duitschen minnezang.


  • Heinrich von VeldekeDen vader der Midden-Hoogduitsche dichtkunst.

Een Nederlander, Henderik van Veldeke, was het, die haar daar te lande invoerde, zooals trouwens de Duitschers zelf erkennen die hem den vader der Midden-Hoogduitsche dichtkunst noemen. Volgens de Duitse dichter Ludwig Uhland maakten Brabant en Vlaanderen den ,,Weg der Vermittlung" tusschen Frankrijk en Duitschland, en noemt hij, behalve Henderik van Veldeke, Hertog Jan I van Brabant en Frederik van Husen als ,,vermittelnde Minnesinger".


  • Nederlandse afkomst

Reeds de naam Veldeke (diminutief van veld) duidt zijn Nederlandsche afkomst aan. Hij was van edelen bloede en geboren in de buurt van Maastricht. Van zijn jeugd is weinig bekend; alleen wordt vermeld, dat hij zijn buitengewonen aanleg voor poëzie, vooral voor het technische der verzen, vermoedelijk in Frankrijk's hoofdstad, waar hij de universiteit bezocht, heeft aangekweekt.


  • Aan het hof van Kleef vinden wij hem als volleerd dichter.

Daar voltooide hij zijn gedicht Eneit( Dido en Aeneas "MD"), geschreven in een dialekt, dat tusschen Nederrijnsch en Middennederlandsch in ligt. Toen hij ongeveer drie vierden van zijn werk (meer dan 10000 verzen) geschreven had werd het hem bij gelegenheid van het huwelijk der gravin van Kleef met den landgraaf Ludwig III von Thüringen ontstolen. Negen jaren lang trok de dichter van plaats tot plaats om zijn gedicht terug te vinden, totdat hij eindelijk in Thüringen kwam, waar het hem werd teruggegeven door den landgraaf Hermann, den bekenden vriend en beschermer der kunst. Deze moedigde hem aan, zijn gedicht te voltooien, en aan zijn hof bleef Henderik van Veldeke langen tijd.


Zijn bloeitijd ligt tusschen de jaren 1184 en 1188. Hij was de eerste die in Duitschland een streng metrum der verzen, dat wat men "rîme rihten" (rijmen inrichten) noemt, invoerde. Rudolf von Ems getuigt van hem:

Von Veldich der wîse man, der rehter rîme alrêrst begann.

En Gottfried van Straatsburg zegt, dat hij het eerste takje entte op Duitsche tongen:

Er impete daz êrste rîs in tiutéscher zungen.

Uit: Handboek der Muziekgeschiedenis, Mr.Henri Viotta, Uitgeverij Tjeenk Willink 1916

Kièk ouk op http://nl.wikipedia.org/wiki/Codex_Manesse

De droom van de minnezanger.
Zoeë hit de roman van Paul Weelen euver 't laeve van Henric van Veldeke.